Selecteer een pagina

Twee weken geleden schreef ik dat ik mijn manuscript naar uitgevers heb verstuurd. Charlotte reageerde hierop en zij voorspelde dat de vraag ‘Heb je al iets gehoord?’ mij nu heel vaak gesteld gaat worden. Na ongeveer twee weken valt dat nog best mee moet ik zeggen; de vraag ‘Hoe is het met je boek?’ – of de versie van de minder geduldigen onder ons ‘Is je boek al af?’ – staat met een ruime voorsprong op de eerste plaats. Maar er is nog een vraag waarvan de mate van populariteit niet lijkt af te nemen: ‘Hoe verzin je dan een boek?’ Of met andere woorden: ‘Waar haal je inspiratie vandaan?’

Het eerste wat ik dan antwoord, is dat ik een groot deel van mijn verhaal in mijn hoofd vorm tijdens het hardlopen. Nu heb ik in 2017 en in 2018 een halve marathon gelopen, dus ik had behoorlijk wat kilometers de tijd om erover na te denken. Niet tijdens die halve marathon zelf, dan denk ik voornamelijk over de vraag waarom ik in hemelsnaam aan een halve marathon ben begonnen, maar tijdens alle trainingen die eraan voorafgaan.

Vaak is het een bepaalde zin of uitspraak die een keer in mij is opgekomen, een persoon of situatie die ik toevallig heb gezien, of een korte schrijfopdracht die ik al eens heb gemaakt, die in mijn hoofd blijft hangen en langzaam een groter verhaal wordt. Zo dwaalde het begin van één van de laatste hoofdstukken van Oververhit in mijn hoofd, terwijl ik over een fietspad rende in de gemeente Oude IJsselstreek (van essentieel belang; heuveltraining in de gemeente Montferland is namelijk alleen geschikt voor het verzinnen van horror wat mij betreft). Dat begin had ik een keer geschreven voor een schrijfopdracht, waarbij het ging om zogenaamde beginzinnen die vragen oproepen. Ik bedacht een scene waarvan ik dacht: dat zou gaaf zijn, om op die manier een boek te laten eindigen. Zo had ik het lot van de hoofdpersoon van Oververhit bepaald, nog voordat ik wist wie ze was. Terwijl mijn opbouw van kilometers vorderde, kregen de personages vorm en ook een belangrijk weekend ergens in het midden van het verhaal stond opeens vast in de agenda van het manuscript. Met een beginsituatie erbij had ik voldoende aanknopingspunten voor een schema, dat overigens tijdens het schrijven nog regelmatig werd gewijzigd.

Nu Oververhit bij uitgevers ligt, en ik in de wachtstand verkeer, denk ik tijdens mijn hardlooprondjes stiekem vast aan een volgende thriller. Er is een personage dat in één van mijn opdrachten van de Schrijversacademie is ontstaan en dat personage heeft dusdanig interessante gedachten, dat het vraagt om een boek. De vraag voor mij is alleen nog of dat personage een man of een vrouw moet zijn. Misschien is het toch geen slecht idee een volgende halve marathon te overwegen…

0 reacties

Een reactie versturen

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *